Infecties en koorts

Tmc over deze informatie
Chemotherapie tast vaak het beenmerg aan. Het beenmerg is het binnenste van de beenderen (botten). In het beenmerg worden bloedcellen gemaakt. Hierdoor worden er tijdelijk te weinig nieuwe bloedcellen gemaakt.

Witte bloedcellen zijn onderdeel van het afweersysteem. Minder witte bloedcellen kan leiden tot een verminderde weerstand en een grotere gevoeligheid voor infecties. Een infectie is te herkennen aan koorts. Uw lichaamstemperatuur is dan 38,5 ºC of hoger. Soms heeft u koude rillingen.

Afhankelijk van de plaats van de infectie, kunt u ook nog 1 of meer van de volgende klachten hebben:
  • buikpijn
  • diarree
  • slijm ophoesten
  • pijn bij het plassen
  • pijnlijke plekken in de mond of pijn bij het slikken
  • troebele urine
  • vaker plassen

Heeft u 1 van bovengenoemde klachten, meet dan uw temperatuur. Neem bij een temperatuur boven de 38,5 °C direct contact op met uw arts of ziekenhuis. Ook ’s nachts of in het weekend. Uw arts kan beoordelen of u een infectie heeft en of u antibiotica kunt krijgen. Een niet behandelde infectie en koorts kunnen ernstige gevolgen hebben.

Ongeveer 7 tot 14 dagen na de chemokuur heeft u de minste witte bloedcellen en bent u het meest vatbaar voor een infectie. Dit heet een dipperiode. Daar kunt niets tegen doen.

Adviezen

  • Zorg voor een goede lichaamshygiëne.
  • Controleer eventuele wondjes op ontstekingsverschijnselen: roodheid, warmte, zwelling en pijn.
  • Verzorg uw mond goed. Poets regelmatig met een zachte tandenborstel, eventueel elektrisch. Wees voorzichtig met floss, ragers en tandenstokers. Spoel uw mond 6 keer per dag met zout water.
  • Ga mensen die verkouden zijn of griep hebben zo veel mogelijk uit de weg.
  • Mijd plaatsen waar veel mensen bij elkaar zijn, zoals het openbaar vervoer, winkels en evenementen.
  • Haal in oktober de griepprik bij uw huisarts.
  • Wees voorzichtig met uw voeding. Was groente en fruit goed. Eet geen rauw vlees, rauwmelkse kaas of rauwe eieren.

Dit zijn algemene adviezen. In uw situatie kunnen andere adviezen gelden. Bespreek dit met uw arts of verpleegkundige. Neem bij twijfel ook altijd contact op met uw zorgverlener.

Groeifactoren

Om een tekort aan witte bloedcellen te voorkomen, kunt u bij sommige soorten chemotherapie groeifactoren krijgen. Groeifactoren stimuleren de aanmaak van witte bloedcellen. U krijgt deze met een injectie toegediend. Dit gebeurt 1 tot 2 dagen na de chemotherapie.

U kunt leren om uzelf de injecties te geven. Iemand uit uw omgeving of van de thuiszorg kan dit ook doen.