Radiofrequente ablatie bij uitzaaiingen lever

Radiofrequente ablatie bij uitzaaiingen lever

Opslaan

Heeft u een of enkele uitzaaiingen in de lever? Kunnen deze niet operatief verwijderd worden? Of kan alleen een gedeelte van de uitzaaiingen operatief verwijderd worden? Dan kunt u soms een RFA-behandeling krijgen. Deze behandeling is in opzet genezend.

RFA staat voor radiofrequente ablatie. Bij RFA brandt de arts de uitzaaiingen in de lever weg met elektromagnetische straling. Hiervoor prikt de arts een naald tot net voorbij de afwijking. In een zone van enkele centimeters rondom het uiteinde van de naald wordt het weefsel verhit. Dit kan tijdens een operatie. Maar de RFA-naald kan ook van buitenaf door de huid heen worden geprikt met behulp van een echografie of een CT-scan.

Soms combineert de arts een operatie met RFA:

  • hij verwijdert een deel van de lever
  • hij behandelt de uitzaaiingen die hij niet kan verwijderen met RFA

Niet iedereen kan deze behandeling krijgen. Overleg met uw arts of RFA bij u kan.

Microwave ablatie

Een andere vorm van warmte-ablatie is microwave ablatie (MWA). Hierbij wordt de tumor ook verhit, maar dan met behulp van microgolven in plaats van radiogolven. MWA is ook geschikt voor de behandeling van tumoren groter dan 3,5 cm. Voor afwijkingen die tegen een (middel) groot bloedvat liggen, is MWA geschikter dan RFA.

Bijwerkingen radiofrequente ablatie / microwave ablatie

Post-ablatie-syndroom

Na een behandeling met radiofrequente ablatie/microwave ablatie kunt u gedurende 2 weken last hebben van griepachtige verschijnselen. Ook kunt u pijn hebben. Uw arts kan u hiervoor medicijnen geven.

Ook kunt u na de behandeling last hebben van misselijkheid, braken en spierpijn. Deze verschijnselen verdwijnen vanzelf na 1 of 2 weken.

Mogelijke complicaties

Als gevolg van de RFA‐ of MWA-behandeling kunnen soms ook problemen optreden:

  • Raken er bloedvaatjes beschadigd, dan kunt u een bloeding krijgen. Zit de tumor in de long, dan kunt u tijdens of na de ingreep bloed ophoesten. Zit de tumor in de nier, dan kan er bloed in de urine zitten. Vaak gaat dit vanzelf weer over.
  • Bij een longtumor kan een klaplong ontstaan doordat de arts door het longvlies heen moet prikken. Uw long is dan voor een deel of helemaal ingeklapt. De long kan dan zuurstof niet goed opnemen. Hierdoor kunt u benauwd zijn en last hebben van pijn op de borst.
  • Bij levertumoren kan het voorkomen dat de galwegen beschadigd worden. Meestal merkt u hier niets van, maar een enkele keer kan het leiden tot ophoping van gal in de lever of juist lekkage.
  • Als de darm of de maag dichtbij de tumor ligt, kan deze bij de behandeling ook beschadigd raken. Meestal is het goed mogelijk om dit te voorkomen.

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: augustus 2016

Dit artikel is geschreven door KWF Kankerbestrijding, kanker.nl.

Met medewerking van

Dr. Aleman, B.M.P. (radiotherapeut), Dr. Bremers, A.J.A. (chirurg-oncoloog), Prof. Dr. Bruno, M.J. (MDL-arts), Hop, M. (overige deskundige), Loo, L. te (overige deskundige), Prof. Dr. Punt, C.J.A. (medisch oncoloog), Sluis, N. van der (overige deskundige), Dr. Tanis, P.J. (chirurg-oncoloog), Dr. Prevoo, W. (radioloog)