Ouder met kanker

Vijf tips om uw kind te helpen omgaan met kanker in het gezin

Opslaan

1. Laat uw kind weten dat het altijd bij u terecht kan 

Als u de diagnose kanker krijgt, weet u misschien nog niet precies wat dit allemaal voor u gaat betekenen. Vertel uw kind wat u weet en leg uit dat er nog veel onduidelijkheden zijn. Betrek uw kind bij het ziekteproces.

Kinderen vinden het vaak moeilijk om te vertellen dat ze zorgen hebben. Laat uw kind weten dat het altijd bij u terecht kan. En bij wie uw kind nog meer terecht kan.

2. Creëer kansen om er met uw kind over te praten

Vaak weet u als ouder wanneer u het beste met uw kind kunt praten. Soms moet u eerst de ruimte of een situatie creëren om een open gesprek te krijgen. Bijvoorbeeld door samen te gaan wandelen of samen te spelen.

Probeer tijdens gesprekken na te gaan hoe het met uw kind gaat en hoe uw kind zich voelt. U kunt ook vragen wat uw kind (nog) weet en de ruimte geven om vragen te stellen. Vaak kunnen misverstanden hiermee worden opgelost. Heeft u geen antwoord op de vragen, geef dan aan dat u erop terugkomt of dat u het ook niet weet.

Soms willen kinderen liever niet praten. Dan kan de beste manier van communicatie al zijn dat u samen met uw kind tijd doorbrengt. Voor veel kinderen is het moment dat de ouder ze naar bed brengt een fijn moment om samen te zijn. U kunt uw kind dan bewust aandacht geven.

3. Verwacht niet van uzelf dat u perfect bent

Met uw kind praten over kanker kan confronterend en verdrietig zijn. Loopt het gesprek minder goed dan u had gehoopt, neem dan de tijd om na te gaan wat u de volgende keer anders zou willen doen. 

Over het algemeen kunnen kinderen ermee omgaan als het gesprek niet verloopt zoals u had gehoopt of gepland. Geen ouder kan alles perfect doen en dat is oké. 

4. Houd zoveel mogelijk vast aan de dagelijkse routine en breng samen tijd door als familie

Wanneer u begint met de medische behandeling, kan de dagelijkse routine veranderen. Voor een kind kan het fijn zijn als de dagelijkse structuur en routine hetzelfde blijft. U kunt tegen uw kind zeggen dat het oké is dat hij doorgaat met het ‘normale’ leven. 

Breng daarnaast tijd samen door als familie. Doe de leuke dingen die jullie altijd al deden. Of las juist extra tijd samen in om door deze moeilijke tijd heen te komen.

5. Vertrouw op uzelf

Het kan fijn zijn om uw zorgen te delen met anderen, bijvoorbeeld familie en vrienden. Dan kan het gebeuren dat u van verschillende kanten adviezen krijgt. Dat kan verwarrend zijn. Vertrouw daarom op uzelf en op uw intuïtie. Vaak weet u zelf het beste wat uw kind nodig heeft, of hoe u uw kind kan ondersteunen. U kent uw kind immers het beste. 

Over deze pagina

De informatie in de bibliotheek is getoetst door medisch specialisten en andere deskundigen.

Laatste update: september 2018

Dit artikel is geschreven door kanker.nl, Ingeborg Douwes Centrum.